Sporengas kan geen klimaatverandering veroorzaken
Om te begrijpen waarom het sporengas CO2 geen belangrijke motor van klimaatverandering kan zijn, hoef je alleen maar naar de natuurkunde te kijken. Een nieuwe studie gebruikt harde data om te demonstreren waarom de klimaatactivisten die streven naar netto nuluitstoot het zo fundamenteel verkeerd hebben.
Decennialange propaganda over 0,04 procent van de atmosfeer
Decennialang vertellen politici, klimaatalarmisten en televisiewetenschappers ons dat het klimaat afhankelijk is van CO2. Een sporengas dat slechts 0,04 procent van de atmosfeer uitmaakt, zou plotseling de hele aarde opwarmen, de oceanen doen koken en het weer verstoren. Een mythe die alleen maar overeind blijft omdat miljarden dollars aan subsidies en complete politieke carrières ervan afhankelijk zijn.
Maar een nieuwe studie van natuurkundige Ad Huijser, gepubliceerd in Science of Climate Change en getiteld “Global Warming and the ‘impossible’ Radiation Imbalance”, ontkracht alle klimaatdogma’s met betrekking tot koolstofdioxide – en doet dat met koude, harde natuurkunde en ongemakkelijke cijfers.
93 procent van de opwarming zit in de oceanen
Huijser toont aan dat het simpelweg onmogelijk is dat CO2 de primaire oorzaak van de opwarming van de aarde is. De veronderstelde opwarming van de aarde vindt vrijwel volledig plaats in de oceanen – 93 procent van de waargenomen energietoename bevindt zich in het water, niet in de lucht of op het landoppervlak.
Abrupte sprongen in plaats van lineaire stijging
Wat in weerberichten hysterisch wordt gepresenteerd als “opwarming van de aarde” is dus in wezen een oceaanfenomeen. En juist daar wordt duidelijk dat temperatuurtrends geenszins een lineaire CO2-stijging volgen, maar eerder abrupte sprongen maken – soms omhoog, soms omlaag, soms helemaal niet.
Tussen 1963 en 1970 koelde het systeem merkbaar af; tussen 1970 en 1980 warmde het aanzienlijk op; sindsdien is het in een bijna perfecte balans. De oceanen reageren dus niet op de gestaag stijgende CO2-concentratie, maar op natuurlijke schommelingen in de stralingsbalans. Huijser noemt ze: veranderingen in zonnestraling veroorzaakt door bewolking en aerosolconcentraties. Meer zon, minder wolken – meer energie. Minder zon, meer wolken – afkoeling. Geen magie, geen kantelpunt, maar simpele thermodynamica.
Satellietgegevens bevestigen: de zon is de motor
Een paar extra CO2-moleculen in de atmosfeer kunnen geen plotselinge periodes van opwarming en afkoeling veroorzaken. De echte drijvende kracht ligt in de dynamiek van wolken en straling, niet in de extra koolstofdioxide. En dat is precies wat Huijsers analyse van satellietgegevens sinds 2000 en oceaanmetingen van het ARGO-programma sinds 2004 aantoont: de aarde warmt op wanneer ze meer zonnestraling ontvangt – punt uit.
Driekwart van de opwarming is natuurlijk
Volgens deze visie is ongeveer driekwart van de toename van de opwarming van de oceanen sinds de jaren vijftig natuurlijk. Het resterende kwart zou ruimschoots kunnen worden toegeschreven aan broeikasgassen – als men dat zou willen. Maar zelfs dat is onzeker. Schonere lucht leidt ook tot minder aerosolen en dus minder wolkenvorming. De veelgeciteerde klimaatmodellen waarop het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) zich baseert, overdrijven het effect van CO2 enorm en negeren systematisch natuurlijke invloeden. Ze behandelen de zon als een statische achtergrondfactor – wat simpelweg niet het geval is.
De cijfers kloppen niet met het CO2-verhaal
De energie van de aarde fluctueert dramatisch – soms met een positieve, soms met een negatieve stralingsbalans. Daarentegen neemt de zogenaamde antropogene forcering, veroorzaakt door CO2, bijna continu toe. Deze twee kloppen gewoon niet. Als energiestromen zo abrupt veranderen, kunnen ze niet worden veroorzaakt door een gestaag toenemende hoeveelheid sporengas. Maar in plaats van deze feiten te erkennen, klampen klimaatinstituten en de media zich vast aan hun verhaal, zoals verdrinkenden zich vastklampen aan een reddingsboei. De gevestigde belangen zijn te groot, de politieke investering in de mythe van “door de mens veroorzaakte klimaatverandering” te diep. Hele industrieën floreren nu op dit verhaal – van CO2-emissiehandel tot de subsidiebubbel van “hernieuwbare energieën” die zombiebedrijven creëren.
Conclusie: geen catastrofe, alleen natuurlijke fluctuaties
Huijser trekt de logische conclusie: als het grootste deel van de opwarming te wijten is aan natuurlijke processen, dan is de klimaatgevoeligheid – dat wil zeggen de temperatuurverandering per verdubbeling van CO2 – veel lager dan beweerd. Dit betekent: geen catastrofe, geen kantelpunten, geen apocalyps. Slechts een licht fluctuerend klimaatsysteem dat reageert op zonnecycli, wolkenvorming en veranderingen in aerosolen – zoals al tientallen miljoenen jaren de norm is. Huijser vat het kernachtig samen: de natuurlijke fluctuaties in zonnestraling verklaren de opwarming veel beter dan welk CO2-model dan ook. De rest is propaganda.
Dit artikel is een bewerking van dit Duitse artikel, gebaseerd op deze wetenschappelijke studie.
Leestip: Wist je dat we het als soort beter doen in tijden van warmte? Klik hier.
© 2026 Dit epistel mag worden gedeeld onder voorwaarde van een linkverwijzing naar de originele bron. Dit artikel is gebaseerd op wetenschappelijke informatie.



Waar denk jij aan?
Het is leuk om jouw mening te weten.. Laat een bericht achter als je zin hebt!